Methode Hendrickx

Wat?
Kritische ontwikkelingsbegeleiding vertrekt vanuit een holistisch perspectief en kijkt verder en breder dan de stoornis alleen, het hele gedragssysteem wordt meegenomen in de behandeling.
De ontwikkelingsbegeleider wil de individuele persoon – in elke situatie en op elke leeftijd – maximale kansen bieden om de eigen mogelijkheden volledig en optimaal te ontplooien. Hij/zij begeleidt je op zoek naar je lichamelijk en psychologisch evenwicht en naar het herwinnen en verbeteren van je levenskwaliteit, je aanpassingsvermogen en je prestaties… op weg naar een natuurlijker en gelukkiger wijze van leven, groeien, voelen, kunnen en kennen.”
Deze strikt individuele begeleiding gebeurt altijd op maat van de indivuduele persoon en op zijn tempo. Daarom sluit de begeleider steeds aan op wat het kind nu al is, kan, weet en emotioneel aankan en niet op wat het milieu (mens, theorie, programma of cultuur) verwacht, wenst of vaak bepaalt en eist.

Hoe?
De therapie start steeds met een probleemanalyse/ -synthese. De begeleider zorgt eerst voor een duidelijke en gedetailleerde kijk op de complexiteit van de zichtbare problemen.
Hij/zij vertrekt daarom van een systematische analyse van de werking van het individuele gedragssysteem als geheel. Wat loopt er fout?
Deze analyse steunt op het ‘tetraëdermodel’,
dat een overzichtelijk beeld schetst van de levende verbondenheid van alle kernaspecten van de persoonlijkheid.
Vanuit de concrete probleemanalyse/-synthese worden passende grensprestaties gekozen, die door het kind als spontaan motiverende ‘haalbare uitdagingen’ ervaren worden.
Zij vormen de bron van de kostbare kritische ervaringen, die de voorwaarden zijn voor echte ontwikkeling.

Toepassing?

Psychomotorische achterstand of defecten
Aandachts- en leerproblemen al dan niet gekoppeld aan onhandigheid, houterig en onstabiel bewegen
Stress en overspanning
Psychosomatische problemen

  • hoofd- en buikpijn,
  • ademhalingsproblemen, eetproblemen, slaapproblemen,
  • tics, nagelbijten, stotteren, incontinentie,
  • plaatselijke en wisselende pijnen,
  • uitputting, …
  • Globaal niet goed in zijn vel zitten.

Gedrags- en contactstoornissen

  • Geremde, opdringerige of vluchtige contactname.
  • Weerloosheid en pestproblemen.
  • Infantiel gedrag. Impulsiviteit en hyperactiviteit.
  • Frustratie, agressiviteit, woedeaanvallen.
  • Negatieve controle en antigedrag.
  • Perfectionisme, rituelen en dwangmatigheid.
  • Controledrang. Fobieën.
  • Schoolangst, motivatieverlies en depressieve toestanden.

Voor meer achtergrondinformatie verwijzen we u door naar www.vkohendrickx.be